Het Siegerland

Ook als de eerste indruk anders is. Het Siegerland behoort tot de bosrijkste streken van Duitsland.

© Touristikverband Siegerland-Wittgenstein e.V./ Klaus-Peter Kappest

Het Siegerland ligt met de westelijke uitlopers van het Rothaargebergte in het zuidelijke deel van het natuurpark en direct aan de landendriehoek van NRW, Hessen (het Hessische achterland) en Rheinland-Pfalz (Westerwald). Rondom het bevolkingsgebied Siegen-Kreuztal, met de riviertjes Sieg en Ferndorf, heeft zich vanwege het sterk ijzerhoudende gesteente al zeer vroeg de mijnbouw gevestigd. De toentertijd grote behoefte aan houtskool als energiedrager heeft hier geleid tot een uniek landschap: de Hauberge (eikenbossen met daaronder een struikachtige houtproductie als agrarisch tussengebruik). Dat gebeurt op veel plaatsen tot op de dag van vandaag nog geheel traditioneel door coöperaties van verschillende dorpen, die deze als brandhout-bossen gebruiken. Met de introductie van steenkool en aardolie werden echter nog gunstigere energiedragers gevonden, zodat vooral op de afgelegen hoogten de Hauberge zijn omgevormd in sparrenbossen. Getuigen van de intussen geheel stilgelegde mijnbouw zijn de talrijke bedrijfsterreinen met steenhopen zonder erts, de ontelbare mijngangen en schachten. Tegenwoordig zijn deze vanwege hun grote betekenis voor planten- en dierensoorten die zich hebben aangepast aan deze speciale omgeving, grotendeels als beschermde delen van natuur en landschap aangewezen. Het destijds uitgevaardigde bosweideverbod leidde ertoe, dat rond de dorpen in het Siegerland het gemeenschappelijk weiden van het vee ontstaan is, dat vanwege de extensieve manier van beweiding en de oude boombestanden bijzondere bescherming geniet. De beide drinkwaterstuwmeren dienen –anders dan de stuwmeren in het Sauerland- uitsluitend voor de regionale drinkwaterverzorging. Als gevolg van het militaire gebruik heeft zich op het voormalige militaire oefenterrein “Trupbach” bij Siegen een uniek heidelandschap ontwikkeld. Het terrein is momenteel nationaal natuurerfgoed en wordt, zoals veel andere natuurbeschermingsgebieden in het natuurpark, door boeren onderhouden in het kader van natuurbeschermingscontracten.